|
Jaarlijks raken 160.000 sporters dusdanig geblesseerd dat zij naar de Spoedeisende Hulp moeten. De Dordtenaar-verslaggever John Kraijenbrink liep afgelopen zaterdag mee in het Albert Schweitzer ziekenhuis. JOHN KRAIJENBRINK 9.00 uur:
Een bewolkte zaterdagmorgen in Dordrecht. De mistbanken trekken langzaam op, terwijl de zon een poging waagt door te breken. Bij de Spoedeisende Hulp van het Albert Schweitzer ziekenhuis, locatie Dordwijk, is het stil. De vier rolstoelen binnen in de gang zijn onbemand. De elf bedden, verdeeld over negen kamers, leeg. Nog leeg. Binnen luistert arts-assistente Frederique Gilissen (26) naar de overdracht van de nachtploeg. Op de sportvelden in Dordrecht en omstreken rolt inmiddels de eerste bal bij de jongste spelertjes. In 's-Gravendeel ligt de 16-jarige Joey Romijn nog vast te slapen. Misschien wel dromend over een wereldpartij die middag, een mooie goal of zelfs over een debuut in `zijn' Ajax, buffelend in dienst van z'n helden Jari Litmanen en Rafael van der Vaart. 10.15 uur: Op de Spoedeisende Hulp bevoelt en bekijkt Frederique Gilissen de knie van Wesley de Neef (12) uit Sliedrecht. Hij is de eerste sporter die zich in het ziekenhuis meldt. Jaarlijks volgen 160.000 Nederlanders zijn `voorbeeld', blijkt uit cijfers van de Stichting Consument & Veiligheid. Nog gehuld in z'n voetbalkleren die onder de modder zitten, ligt hij op de behandeltafel. Binnen twee minuten was voor hem de wedstrijd over. En dat terwijl hij net lekker bezig was en al één keer gescoord had. Bij zijn tweede doelpoging draaide hij zijn knieschijf echter uit de kom. De ambulanceverpleegkundigen hebben die op het veld teruggezet en zijn been gespalkt. Moeder De Neef, die bij de wedstrijd stond te kijken, wist meteen dat het mis was, toen haar zoon neerging en niet meer opstond: ,,Hij is normaal gesproken best wel hard en gaat altijd gewoon door, dus ik dacht meteen hier klopt iets niet. Het is ook zo'n verschrikkelijk knollenveld.'' Frederique bekijkt de röntgenfoto van de knie en stelt Wesley gerust: ,,Wat ik op de foto's heb gezien, is goed. Je knieschijf is niet gebroken. Hoe het met je kniebanden is, kan ik pas over een paar dagen goed beoordelen. We zetten nu heel je been in het gips en maken dan donderdag of vrijdag een nieuwe foto.'' Een somber gezicht bij de nummer 4 van vv Sliedrecht D3 is het resultaat. Toch ziet hij een lichtpuntje: ,,Mama, ik hoef nu zeker niet naar school?'' In 's-Gravendeel draait Joey Romijn, nog onwetend van wat hem deze dag te wachten staat, zich nog een keer om. 's Morgens is hij nooit de vlotste. Bovendien hoeft hij pas om 11.15 uur aanwezig te zijn bij zijn club: vv 's-Gravendeel. Nog een half uurtje slapen moet dus kunnen. Want binnen vijf minuten fietsen staat hij op het veld. 11.45 uur: Frederique Gilissen loopt op de Spoedeisende Hulp van de ene naar de andere kamer. Een man waarbij het vermoeden bestaat dat hij een trombose in zijn arm heeft, een vrouw die terugkomt met een gipsarm en die bang is dat het gips te strak zit. ,,Het is een rustige dag, maar het loopt wel lekker door'', aldus de arts-assistente. In 's-Gravendeel leidt Joey Romijn, op z'n `gouden schoentjes' trots de warming-up van de plaatselijke B2 voor de wedstrijd tegen DFC B3. Normaal doet de aanvoerder dat, maar die moest met een ander team mee. Dus mag hij het doen. Hij is immers de reserveaanvoerder. 12.30 uur: Frederique Gilissen buigt zich over de flink opgezwollen enkel van Wendy Zegelaar. De 15-jarige volleybalster is bij de warming-up door haar enkel gegaan. Opnieuw een ongeluk met beenletsel. Volgens Hans Gijsberts, als fysiotherapeut verbonden aan het Albert Schweitzer ziekenhuis, komt die blessure het meeste voor in Dordrecht en omstreken. ,,Vooral knieën, enkels en heupen moeten het ontgelden. Het merendeel gebeurt door lichamelijk contact. Daar hoeft geen sprake te zijn van grove overtredingen, gewoon verstappen is al genoeg. Korfbal en voetbal zijn daarbij de sporten die de meeste blessures opleveren.'' De bevindingen van de fysiotherapeut worden onderstreept door de cijfers van Consument & Veiligheid. Van de 160.000 sportongelukken, scoort beenletsel met 74.000 ongevallen heel hoog. Zegelaar heeft geluk. De enkel is niet gebroken. Of de banden verrekt of gescheurd zijn, is niet te zien. Gilissen geeft haar een drukverband dat ze er vier dagen om moet houden. ,,Daarna mag ze het er afhalen en zich bij de huisarts melden. Zulke gevallen zien wij hier niet meer terug.'' In 's-Gravendeel speelt Joey Romijn een degelijke wedstrijd. De 0-1 (één tegenaanval, één goal) is weggepoetst, de 1-1 staat op het scorebord en met een corner twee minuten voor rust, zit er misschien nog wel meer in. De corner wordt echter afgeslagen. Joey vangt de bal handig op, gaat z'n man voorbij, krijgt een beuk en valt. Z'n arm slaat dubbel. Gekraak. Pijn. Met een verbeten gezicht blijft hij op de grond liggen. Zijn onderarm vertoont een vreemde knobbel. De scheidsrechter neemt een wijs besluit en fluit af voor rust. Romijn wordt door een elftalbegeleider in een auto gezet en met hoge snelheid naar het ziekenhuis gereden. 13.25 uur: Frederique Gilissen zit even te lunchen als Joey Romijn met een verbeten trek om zijn mond wordt binnengebracht op de Spoedeisende Hulp. Co-assistent Dirk-Willem Poot doet het eerste onderzoek. Conclusie: gebroken. Uit de röntgenfoto blijkt dat het om een zware blessure gaat: zowel zijn ellepijp als zijn spaakbeen is doormidden. Kort na Joey komen zijn ouders in het ziekenhuis aan. Z'n moeder had eindelijk een zaterdag vrij en was met haar man, normaal aandachtig toeschouwer, een dagje winkelen in Rotterdam. Moeder Romijn kijkt opgelucht als ze ziet dat haar zoon in redelijke staat is. Vader Romijn huivert als Joey voordoet hoe zijn arm knikte en kraakte. Gilissen bekijkt de breuk en stelt voor hem te zetten met plaatselijke verdoving. Joey's arm wordt in een tentakel gehangen, zodat zijn verkrampte spieren kunnen oprekken. Na een half uur zetten Gilissen en Poot met vereende krachten de botten weer op elkaar en verdwijnt Romijns arm in het gips. De nieuwe foto toont aan dat de schuine breuk net niet goed zit, tot ontzetting van Romijn, zijn ouders en de artsassistente. 16.25 uur: Frederique Gilissen draagt haar werk over aan de volgende ploeg. Haar dienst zit erop, die van de Spoedeisende Hulp nog niet, want in de wachtkamer zit Melvin Keesmaat, A1-junior van Papendrecht, alweer te wachten met een schouder uit de kom, het resultaat van een kopduel. Joey Romijn ligt op bed. Hij moet wachten tot 20.00 uur. Dan gaat hij onder narcose en wordt de dubbele breuk, tijdens een moeizame maar geslaagde ingreep, opnieuw gezet. De volgende morgen is hij al weer vastberaden: ,,Zo snel als het kan, ga ik het veld weer op.'' |